Cappuccino 

De naam cappuccino komt oorspronkelijk van Kapuziner Kaffee. Deze naam is ontstaan uit een wirwar van koffiesoorten in het Oostenrijkse Wenen. In Wenen schenkt men de koffie meestal met hete melk, al dan niet opgeschuimd. De hoeveelheid melk is afhankelijk van ieder zijn eigen wens. Er zijn vele verschillende cappuccino’s mogelijk. Zo is een Franziskaner een kopje koffie met heel veel melk en een lichtbruine kleur. Een Kapuziner is wat donkerder, dus sterker van smaak en met minder melk.

Je kunt Latte Art toepassen op een cappuccino. Dit is de kunst van het gieten van decoratieve ontwerpen op een cappuccino waarbij de “barista” (kunstenaar) met een speciale techniek de geschuimde melk in de crèmelaag van de espresso giet.

In Italië wordt cappuccino voornamelijk in de ochtend gedronken. Populair is het om een cappuccino tezamen met een “cornetto”, een zoete croissant, te nuttigen.

Ingrediënten:
  • Koffie
  • Melk
Bereiding:

Een caffé lungo bestaat uit een normale hoeveelheid espresso, aangevuld met heet water. De totale volume is dan ongeveer 75 / 95 ml. De sterke is uiteraard minder sterk dan een espresso, door de toevoeging van water. Je serveert het in een kopje of een klein cappuccinokopje van 1,5 dl.